'Ik heb die prijs niet op een kermis gewonnen'

Word je als monteur van het jaar herkend op straat?
“Nee, dat niet, haha. Ik krijg er ook geen extra brood voor bij de bakker. Maar nadat ik gewonnen had, kreeg ik wel veel positieve reacties. Ik werd geïnterviewd voor het Henk & Fred-magazine, het bericht haalde het dorpsblad in Heijen, waar ik woon. Plus het regionale nieuws. Ik heb het ook gedeeld. Met familie, vrienden, vakgenoten. Leuk, knap dat je hebt gewonnen. Dat soort reacties kreeg ik. Heel mooi om mee te maken.”

Hoe is het je sindsdien vergaan?
“Ik ben vooral trots geworden. Op mijn vak en op wat ik in mijn mars blijk te hebben. Voorheen zei ik: ik zit in de elektra, dit is wat ik doe. Ik werd er niet warm of koud van. Inmiddels ben ik een monteurswedstrijd en een overwinning verder. Ik heb een aantal moeilijke vragen beantwoord en een paar pittige opdrachten uitgevoerd. Door de deelname aan de wedstrijd kreeg ik door: wat ik doe is niet allemaal gesneden koek. Ik heb die prijs niet op een kermis gewonnen, ik heb toch een bovengemiddelde prestatie neergezet.”

Wat doet deze verkiezing met het imago van de monteur?
“De verkiezing zet de monteur op de kaart. Dat is goed voor ons, vind ik. Monteurs hoeven nu eenmaal niet zo nodig op de voorgrond. Hoe dat komt? Moeilijk te zeggen. De grondhouding van een monteur is: dit is mijn vak, ik doe mijn werk, ik zorg voor brood op de plank. Meer is er niet van. We zijn geen musicalsterren, we zoeken de schijnwerpers niet op. Maar door zo’n wedstrijd beseffen we dat wat we doen ook bijzonder kan zijn.”

Geen spijt van jouw deelname aan de ‘Monteur van het Jaar’-verkiezing?
“Zeker niet. Het begon toen ik achter op een boekje las over de wedstrijd. Ik heb de vragenlijst ingevuld en ingeleverd. Toen mocht ik zomaar naar een voorronde. Zal ik wel of niet gaan, dacht ik nog. Ik ging. Daarna zat ik ook nog eens bij de laatste zes. Nu moet ik er ook vol voor gaan, zei ik tegen mezelf. Grappig, ik dacht in eerste instantie: ik ga voor de derde prijs. Een vakantie leek me leuk. Meer monteurs hadden dat idee. Later kwamen we erachter dat de winnaar alle prijzen kreeg, ook de reischeque. Het was voor mij een extra stimulans.”

Ging alles van een leien dakje?
“Nou, halverwege de wedstrijd dacht ik aan stoppen. Ik moest een storing zoeken. Dat lukte niet meteen. Het ging om een Duitse verboden wisselschakeling. Na een kort gesprek met de praktijkbegeleider en een slokje water kon ik er weer tegenaan. Wonderwater? Wie weet, haha. Ik vond die wedstrijd wel stressvol. Maar dat hoort erbij. Er stond natuurlijk wel iets op het spel. Ik heb ook nog steeds profijt van die titel. Het is bijvoorbeeld een mooie binnenkomer bij sollicitatiegesprekken. Als mensen erachter komen dat je monteur van het jaar bent geweest, hoef je verder niets uit te leggen. Dan is het duidelijk dat je wat kunt.”

Terug naar overzicht