Cao-spel weer op de wagen

Grote vraag is of de vakbonden daarmee genoegen nemen. In een eerste reactie lieten de FNV, CNV en De Unie weten verrast te zijn en veel vragen te hebben. Met het organiseren van stakingen hebben de vakbonden de druk de afgelopen tijd opgevoerd. De CAO Metaal en Techniek geldt voor 320.000 werknemers en is de grootste in de marktsector.

Inflatiecompensatie

Het aanbod van de werkgevers is een loonsverhoging van 7 procent per 1 juli 2024, 90 euro structureel per 1 maart 2025 en 3 procent loonsverhoging per 1 januari 2026. Het voorstel behelst een cao met een looptijd van 24 maanden, van 1 april 2024 tot 1 april 2026. Cao-onderhandelaar Ron Follon van de Federatie Werkgeversorganisaties Techniek (FWT) licht toe: “Half april strandden de onderhandelingen voor nieuwe cao’s in de metaal en techniek. Toen was ons bod een loonstijging van 9,19 procent over 22 maanden. Het nieuwe bod houdt in dat werkgevers 12,7 procent over twee jaar gaan betalen. Hiermee compenseren we de hoge inflatie van de afgelopen periode. Wij zetten hiermee een flinke stap. Als werkgevers willen we samen met de vakbonden de verantwoordelijkheid nemen om tot een cao te komen. We roepen de vakbonden daarom op weer aan de onderhandelingstafel te komen.”

Geen werknemer in de wachtrij

Naast een verbeterd loonbod willen de werkgevers ook de mogelijkheden voor het gebruik van de Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) vergroten. Follon: “Wij stellen voor dat alle werknemers die in aanmerking komen voor de regeling, er ook gebruik van kunnen maken. Als werkgevers zijn we bereid daarvoor de premie te betalen. Wat ons betreft komt geen werknemer meer in de wachtrij.” De FWT is bereid om de regeling onder voorwaarden tot 2031 te verlengen.

Terug aan tafel

De werkgevers zeggen dat ze ‘erop rekenen dat de vakbonden positief reageren’, zodat de onderhandelingen kunnen worden hervat. “Stakingen brengen de cao’s niet dichterbij, de terugkeer naar de cao-tafel wel”, merkt Follon op.

Terug naar overzicht